Slaafse nabootsing

In zijn algemeenheid geldt dat het nabootsen van een product dat niet (meer) wordt beschermd door intellectuele eigendomsrechten is toegestaan.

Voor het verkrijgen van bescherming op grond van slaafse nabootsing is vereist dat het nagebootste product een eigen plaats in de markt heeft (onderscheidend vermogen), doordat het zich door vorm en uiterlijk onderscheidt van andere op de desbetreffende markt aanwezige soortgelijke producten. Daarnaast is vereist dat er door nabootsing van een product nodeloos verwarring bij het (relevante) publiek wordt gesticht.

Onderscheidend vermogen

Het nagebootste product moet onderscheidend vermogen hebben wil het tegen nabootsing beschermd kunnen worden. In dit kader volgt uit de jurisprudentie van de Hoge Raad onder meer dat het nagebootste product niet oorspronkelijk behoeft te zijn, maar dat het volstaat dat het nagebootste product ‘een eigen plaats op de markt heeft verworven’. Ook volgt uit de jurisprudentie dat de omstandigheid dat een product zich op de relevante markt in zijn verschijningsvorm niet onderscheidt van een aantal andere, soortgelijke producten, het oordeel kan wettigen dat dat product onderscheidend vermogen mist.

Verwarring

In de nodige (casuïstische) jurisprudentie is uitleg gegeven aan het vereiste “verwarring”. Uitgangspunt is in essentie dat de totale indruk bepalend is bij de beoordeling van het verwarringsgevaar tussen twee producten en dat een weinig oplettend kopend publiek de beide producten meestal niet naast elkaar ziet.

Strong De Boer Advocaten te Breda | Slaafse nabootsing

Wanneer u wenst te worden geadviseerd op het gebied van slaafse nabootsing, neem dan vrijblijvend contact op met ons kantoor.